Gelis bicolor ♀︎

Laatst bijgewerkt: 8 maart 2021
SOORT: Gelis bicolor
GENUS: GELIS
FAMILIE: Sluipwespen (ICHNEUMONIDAE)



WAARNEMING:
2021-II-202021-II-152021-II-102021-II-09

JAREN:
2021

MAANDEN:
janfebmaaaprmeijunjulaugsepoktnovdec


Officiële naam

Synoniemen

Gelis bicolor [1]

Ichneumon bicolor

zie meer op: www.gbif.org

Gelis bicolor ♀︎

INHOUD

1. Verspreiding
2. Gedrag
3. Plant relaties
4. Parasitaire relaties
5. Herkenning

1. VERSPREIDING

De sluipwesp Gelis bicolor is een algemene wesp in Nederland [2].

2. GEDRAG

2.1. ACTIVITEIT

De vrouwtjes kunnen het hele jaar door gevonden worden en overwinteren als volwassenen [3].

2.2. ONTWIKKELING

De soort ontwikkelt zich in eierzakken van spinnen en is een idiobionte ectoparasitoïde [3]. In de regel ontwikkelt zich één wesp per eierzak [3] en zal de larve de hele zak leeg eten [4].

3. VOEDSELPLANTEN

De volwassen wespen voeden zich ook met nectar en honingdauw [3]. Bloembezoek is slechts onder bepaalde weersomstandigheden waargenomen, zoals bij motregen of zwoel weer, en is waarschijnlijk ondergeschikt aan het oplikken van honingdauw en vocht van bladeren [3]. Mogelijk eten ze ook stuifmeelkorrels die vast geplakt zitten op de plakkerige oppervlakken van harige bladeren [3].

In de literatuur worden de volgende planten soorten en groepen genoemd in de context van het oplikken van voedsel en vocht, en mogelijk stuifmeel:

Berkenfamilie
(Betulaceae)
Corylus avellana (Hazelaar) [3]
Alnus alnobetula (Groene els) [3]
Brandnetelfamilie
(Urticaceae)
Urtica dioica (Grote brandnetel) [3]

Tuinsoorten

In de tuin staan de volgende planten:

Berkenfamilie
(Betulaceae)
Corylus avellana (Hazelaar)
Brandnetelfamilie
(Urticaceae)
Urtica dioica (Grote brandnetel)

4. PARASITAIRE RELATIES

De soort parasiteert de eizakken van spinnen als voedsel voor haar kroost [3,4].
In de literatuur worden de volgende in Nederland voorkomende soorten genoemd:

Spinnen
(Araneae)
Dictynidae (Kaardespinnen)
Dictyna
Dictyna sp. [7]

Linyphiidae (Hangmatspinnen)
Floronia
Floronia bucculenta [4]

Mimetidae (Spinneneters)
Ero
– Gevorkte spinneneter (Ero cf. furcata) [4]

Theridiidae (Kogelspinnen)
Paidiscura
– Kleine boskogelspin (Paidiscura pallens) [7]

5. HERKENNING

Lengte: 2,2 – 4,0 mm

Vrouwtjes zijn apteer [4].
Mannetjes zijn brachypteer of macropteer [4].

Genus

Het genus Gelis is te herkennen aan:

1.  2e en 3e tergieten volledig gescheiden, of slecht gedeeltelijk of onduidelijk versmolten [5]

Gelis bicolor ♀︎, Gelis: tergieten 2 en 3 volledig gescheiden

2. 1e tergiet met of zonder dorsaal laterale lijsten [5]

Gelis bicolor ♀︎, Gelis: tergiet 1 met dorsaal lateraal lijsten

3. 1e tergiet niet of zelden apicaal gestreept [5]

Gelis bicolor ♀︎, Gelis: tergiet 1 apicaal niet gestreept

4. Als tergiet 1 apicaal gestreept dan laterotergiet van 2e achterlijfssegment gescheiden en breed [5] (Hier niet het geval)

Gelis bicolor ♀︎, Gelis: laterotergiet achterlijfssegment 2 niet gescheiden van tergiet
Gelis bicolor ♀︎, Gelis: laterotergiet achterlijfssegment 2 niet gescheiden van tergiet


Gelis bicolor ♀︎
Gelis bicolor ♀︎
Gelis bicolor ♀︎
Gelis bicolor ♀︎
Gelis bicolor ♀︎, propodeum
Gelis bicolor ♀︎, ovipositorscheden
Gelis bicolor ♀︎, ovipositorscheden
Gelis bicolor ♀︎, ovipositorscheden


KOP

1. Kop zwart [6]
2. Antenne met 20-22 segmenten [6]

Gelis bicolor ♀︎, antenne met 20-22 segmenten

3. Antenne segment 3 met 2,5-3,4x langer dan breed (lateraal aanzicht) [6]

Gelis bicolor ♀︎, antenne segment 3 is 2,5-3,4x langer dan breed (lateraal aanzicht) (hier ±3x)

3. Antenne segment 7 met 1,3-1,8x langer dan breed (lateraal aanzicht) [6]

Gelis bicolor ♀︎, antenne segment 7 is 1,3-1,8x langer dan breed (lateraal aanzicht) (hier ±1,8x)

4. Afstand tussen achterste ocellen ( OOL ) is ongeveer 0,7-1,0x de afstand tussen achterste ocel en oog rand ( POL ) [6]

Gelis bicolor ♀︎, afstand tussen achterste ocellen (ool) is 0,7-1,0x afstand achterste ocelle tot oogrand (pol) (hier ±1,0x)

5. Clypeus onderrand convex [6]

Gelis bicolor ♀︎, onderrand clypeus convex

6. Wanggroef diep [6]

Gelis bicolor ♀︎, wanggroef diep

7. Occipitale lijst verbonden met hypostomale lijst bij mandibel basis [6]

Gelis bicolor ♀︎, Occipitale lijst verbonden met hypostomale lijst bij mandibel basis

BORSTSTUK

1. Thorax en propodeum gewoonlijk oranje, bij kleinere exemplaren bruin tot zwart [6]

Gelis bicolor ♀︎, thorax en propodeum bruin tot zwart

2. Mesonotum zonder duidelijke mediane lengte groef [6]

Gelis bicolor ♀︎, mesonotum zelden met mediane lengtegroef

3. Mesonotum ongeveer 0,8-1,1x langer dan breed [6]

Gelis bicolor ♀︎, mesonotum 0,8-1,1x langer dan breed

4. Schildje niet duidelijk afgegrensd, zeer kort [6]

Gelis bicolor ♀︎, schildje niet duidelijk afgegrensd, zeer kort

5. Lengte mesonotum = 0,8-1,5x lengte area anterior [6]

Gelis bicolor ♀︎, lengte mesonotum (lm) 0,8-1,5x lengte area anterior (la)

6. Helling mesonotum en propodeum achter ongelijk [6]
7. Propodeum ongeveer zo hoog als mesonotum [6]

Gelis bicolor ♀︎, helling mesonotum en propodeum achter ongelijk

8. Dwarse lijst op propodeum midden duidelijk, recht niet boogvormig [6]

Gelis bicolor ♀︎, dwarse lijst propodeum in midden duidelijk en recht

9. Dij (femur) achterpoot 3,3-4,1x lang als hoog (lateraal aanzicht) [6]

Gelis bicolor ♀︎, dij 3 lengte ±3,3-4,1x breedte (hier ±3,8x) (lateraal aanzicht)

ACHTERLIJF

1. Tergiet 1 met dorsaal lateraal lijsten, deels [6]

Gelis bicolor ♀︎, tergiet 1 met dorsaal lateraal lijsten

2. Achterlijf v.a. tergiet 2 zwart [6]
3. Achterlijf dicht behaard [6]

Gelis bicolor ♀︎, achterlijf zwart v.a. tergiet 2, dicht behaard

4. Ovipositor punt met fijn tot duidelijke tanden ventraal




Referenties

1 Nederlands Soortenregister

2 Waarneming.nl

3 SCHWARZ, M. Revision der westpaläarktischen Arten der Gattungen Gelis THUNBERG mit apteren Weibchen und Thaumatogelis SCHMIEDEKNECHT (Hymenoptera, Ichneumonidae). Teil 2.

4 Finch, Oliver-David. (2005). The parasitoid complex and parasitoid-induced mortality of spiders (Araneae) in a Central European woodland. Journal of Natural History - J NATUR HIST. 39. 2339-2354. 10.1080/00222930500101720.

5 SCHWARZ, Martin. Revision der westpaläarktischen Arten der Gattungen Gelis Thunberg mit apteren Weibchen und Thaumatogelis Schmiedeknecht (Hymenoptera, Ichneumonidae). Teil 1. na, 1995.

6 SCHWARZ, Martin. Revision der westpaläarktischen Arten der Gattungen Gelis Thunberg mit apteren Weibchen und Thaumatogelis Schwarz (Hymenoptera, Ichneumonidae). Teil 3. na, 2002.

7 Schwarz, Martin & Shaw, Mark. (1999). Western Palaearctic Cyptinae (Hymenoptera: Ichneumonidae) in the National Museum of Scotland, with nomenclatural changes, taxonomic notes, rearing records and special reference to the British check list. Part 2. Genus Gelis thunberg (Phygadeuontini Gelina). Entomologist's Gazette. 50. 117-142.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *